quotes "Op de rand van de horizon"

door: HD,2018.illustraatie: Karin Hoogesteger,gedicht: The schoolboy by William Blake

De teksten van de blogs mogen zonder toestemming gebruikt worden voor persoonlijke doeleinden. Anderzins: Mail me of neem contact met me op.

 

How can the bird that is born for joy
Sit in a cage and sing?
How can a child, when fears annoy,
But droop his tender wing,
And forget his youthful spring!
 

 

 

1. Op weg naar vrij-zijn, zonder mijn vrijheid te hoeven bevechten.

Amsterdam 2017: Het afgelopen jaar is er veel veranderd in mijn leven. Wat ik niet voor mogelijk hield, is gebeurd en heeft mijn uiterlijke dagelijkse leven in korte tijd ingrijpend veranderd. De afgelopen 12 jaar woonde ik in Zutphen een prachtige oude Hanzestad aan de IJssel, waarvan de laatste 6 jaar in redelijke afzondering. Geleefd als een monnik, zonder relatie, weinig sociale contacten en een sober en ‘in stilte’ leven. Makkertje, mijn hond, bracht me nog enige structuur bij in het dagelijkse. Hij liet me 4x per dag uit. Leven in de luwte en op één of andere manier werd er voor me “gezorgd”. Sociaal, economisch/financieel was het karig. Ik had wel een keuze om op deze manier te leven, maar uit-eindelijk kwam er precies op het juiste moment altijd weer een oplossing of als het geld nijpend werd en de huur betaald moest worden, meerde het ‘geldschip’ onverwachts aan. Het klinkt behoorlijk saai, maar dat was het niet. Het was één van mijn rijkste en roerigste periodes in mijn leven waar ik de diepte heb ervaren van die onmetelijke ruimte van het Leven waar alles mogelijk bleek.

Zonder vaste woon en verblijfplaats. Nu reis ik tussen plekken waar ik kan verblijven zonder te weten voor hoe lang. En elke plek heeft zo zijn uitwerking op mij. Amsterdam, een oase in de drukte, appartement in het centrum en in de luwte van het toeristisch ‘openlucht museum”. Een goede plek om aan ideeën woorden te geven, schrijvend vormend. Arnhem, voelt als bedding, man/vrouw en balans. Lavend en voorttrekkend. Pleisterplaats. Republic of Northern Cyprus: Esenteppe, open, ruimte voor mijn spirituele wezen. Intens in contact met het Veld (Akasha of Wetende veld of…) Geeft inspiratie en nieuwe inzichten en openingen in de innerlijke bewegingen. South Africa: Diepkloof, diep contact met de ware natuur. Niets wat niet waar is, kan daar niet bestaan. In contact met de ware Natuur en dus mijn ware natuur. Rauw, leven en dood, simpel leven, nederigheid.

Do you live your true nature?

Een prachtige vraag, tegelijkertijd confronterend en groots. Tja, hoe weet ik daar nou een antwoord op? Is het überhaupt mogelijk in mijn overbezette leven om deze vraag tot mij door te laten dringen, ondanks alle dingen die “moeten gebeuren”. Zo’n vraag doemt op als ik me in een veranderingsgebied begeef, van het “oude bekende” naar de volgende stap richting het “ware”. Voor mij een gebied waar frustraties beginnen op te lopen en onvervulde mystieke verlangens zich opstapelen als een drukkende last die ik meetors in mijn angstige, afgesloten hart. In de loop der jaren heb ik allerlei foefjes bedacht en gebruikt om deze vraag te ontlopen. Toch blijft hij in al die jaren hard-nekkig aanwezig, soms op de achtergrond, soms op de voorgrond, maar zijn priemende ogen voelde ik zeker. Het klinkt cliché en semi-spiri, maar het enige manier om het antwoord te ontsluieren is stilstaan... Stilstaan… en dan bedoel ik niet alleen fysiek, is één van de moeilijkste activiteiten in het dagelijks leven. Maar brood-nodig om mijn hart weer te openen en zacht te laten worden zodat mijn angsten kunnen smelten om ruimte te kunnen voelen voor mijn “wezen”. Bewust en in gewaar zijn stilstaan... Sowieso om alleen maar even tijd te nemen, zonder “productief” nuttig te zijn en alleen maar te zitten is al een hele klus. Logistiek maar ook van binnen, waar alle stemmetjes die mij willen weerhouden om stil te zijn, actief worden. Het Leven heeft me meerdere malen in de gelegenheid geplaatst om daadwerkelijk los te komen van het kleine leven door stil te staan. Twee van de belangrijkste episodes in mijn leven waren in Enschede 1984 en Zutphen 2009. En achteraf bezien waren het een enorme kansen die me in de schoot werden geworpen. Stilstaan in het dagelijkse opportunistische leven van een fulltime baan vraagt veel en is ongelofelijk moeilijk. Als je aan één draadje begint te pulken, loop je het risco dat het weefsel dat je de afgelopen jaren zorgvuldig hebt geweven, uiteen gaat vallen. Dat er niets meer overblijft….en dan? Fases in mijn leven die ervoor gezorgd hebben dat ik de muren van de onzichtbare gevangenis kon voelen en waar kantelingen in mijn leven hebben plaatsgevonden.

 

Morpheus: I'm trying to free your mind, Neo. But I can only show you the door. You're the one that has to walk through it. What are you waiting for?. Don't think you are, know you are.

Morpheus: Ik probeer je geest te bevrijden, Neo. Maar ik kan je alleen de deur tonen. Jij bent degene die er doorheen moet lopen. Waar wacht je op? Denk niet dat je bent, weet dat je bent.

 

 

2. 'CERES'

Ze vertelden me dat ik op een dag wakker werd. Dat mijn ogen bevangen waren door heftige existensiële angsten. Angsten die niet te overbruggen waren door welke verhalen dan ook. Geen enkele informatie bleek die gerustelling te kunnen brengen die ze hadden gehoopt. Ik wist me niets meer te herinneren van die momenten. Mijn hoofd tolde, alles wat ik zag was niet wat het was. Elke grond van het bekende was verdwenen, niet aanwezig, alsof het nooit bestaan had. Alles om mij heen leek op wat ik kende, maar was niet hetgeen ik waarnam. De lakens van mijn bed, leken op katoen, maar voelde als zijde zo zacht en met een gevoel van een dikke vacht. Het was vederlicht en voelde omhullend, koel en warm tegelijk. Het licht dat de ruimte binnenkwam was zacht en helder. Alsof het gefilterd werd door een onzichtbare lens die de scherpte van het licht brak tot een licht dat voor de ogen heel natuurlijk was. Het zachte licht drong zich niet op en wachtte geduldig tot mijn ogen het opnamen. Langzamerhand keek ik de ruimte in en heel langzaam nam ik op waar mijn blikveld mij naar toe meenam. Verdoofd en in shock met een schuchtere nieuwsgierigheid bewoog mijn blik rond zonder de zintuigelijke signalen te willen ‘thuisbrengen’. Waarnemen en niet meer dan dat, dat was al meer dan genoeg voor dit moment. Ik voelde me doodmoe, uitgeput. De veelheid van informatie was zo overweldigend, dat ik kort daarop weer in slaap viel.

Het viel me op dat de personen die regelmatig bij me op de kamer kwamen, niet spraken. Het gekke was dat ik hun boodschappen wel kon ‘verstaan’ en zij precies wisten waar mijn intenties naar uit gingen. Ik voelde me gezien in onze uitwisseling. De manier van communiceren verliep op een heel andere manier dan ik ooit gewend was. Er waren geen woorden in mij, maar gedachtenlandschappen die zich ontvouwden. Landschappen met vele facetten en details die een intentie of begrippenkader toonden zonder dat ik ze hoefde te vertalen naar woorden. Landschappen die onderhevig waren aan veranderingen. Elkaar afwisselden in een natuurlijk ritme en die aangepast was aan ons beider tempo. Niets probeerde het tempo te verhogen of te verlagen, alles was puur en waar. Ook de bijgedachten werden meegenomen in de uitwisseling, alleen met dien verstande dat die ook tegelijkertijd geplaatst werden in de beperkingen die ikzelf inbracht. Confronterend maar ook bevrijdend. Bevrijdend omdat ik niet meer mezelf hoefde op te houden, zo was ik en op dit punt sta ik. Niet meer en niet minder. Er was ook geen enkele intentie om dat te doen veranderen, daar ging het niet om. Het ging om het ware te zien in al zijn/haar verschijningen. Dat was de schoonheid, dat het puur, transparant en schoon was. Elkaar op woorden begrijpen was totaal niet aan de orde. Woorden zijn, in deze context, eigenlijk een sta in de weg om elkaar te bereiken in de volheid van de ontmoeting. Woorden, zij zijn een slap aftreksel van de landschapsbeelden die tussen ons werden uitgewisseld. Woorden, zij hadden niet de reikwijte, detailering en verfijning van onze communicatie. Ik kon nu de enorme beperking voelen van het gesprokene en hoe dit afbreuk deed aan het volle contact wat ik voelde ontstaan tussen ons. Onwennig en schoorvoetend gaf ik mij over aan deze “diffuse” manier van delen. Het verhinderde mij niet om meer en meer te vertrouwen op die ‘niet gesproken’ woorden die zich via mijn ‘weten’ zich aandienden. De uitwisselingen beperkten zich tot de wat meer ongecompliceerde onderwerpen. Ik verdenk ze ervan dat dat ook de bedoeling was omdat deze manier van uitwisselen nog veel oefening en vertrouwen vergt van mijn kant om de ware diepte ervan te kunnen ervaren en gebruiken. Om tover-spreuken te kunnen en mogen gebruiken betekend dat je heel goed de strekking ervan moet weten en wat het inhoudt. Dat je ervan bewust bent wat het doet en hoe je het kunt hanteren, niet in de mentale zin maar in de ‘landschapszin’. Mijn omgang met deze landschappen… ik sta nog aan het begin van het leren. Een fase waarin ik makkelijk vele dingen en gewaarwordingen over het hoofd zou kunnen zien. Onbewust veel zou kunnen missen als het teveel en complex zou worden, als de gelaagdheid van de communicatie zou toenemen. Daarom hielden ze het waarschijnlijk op hooguit 2-3 landschapslagen.